Gastransport

Voorwaarde voor een volledige en geliberaliseerde gasmarkt is de transparante en niet-discriminatoire toegang tot het landelijke gastransport- en het distributienet voor alle spelers op de markt. Alle eindverbruikers in Nederland zijn vrij om hun eigen gasleverancier te kiezen.

In Nederland is een systeem van geregelde toegang tot het netwerk van toepassing. Dit betekent dat er een onafhankelijke regelgevende autoriteit is die de voorwaarden en tarieven voor toegang goedkeurt en ervoor zorgt dat deze aan de bepalingen van de Gaswet voldoen.

In Nederland heeft men deze taak opgedragen aan de Autoriteit Consument en Markt (ACM). De ACM is een autonome overheidsinstantie die onder andere verantwoordelijk is voor de regeling van de gas- en elektriciteitsmarkten in Nederland. De belangrijkste voorwaarden om toegang te krijgen tot de gastransportnetten, dus ook tot het net van GTS, zijn vastgelegd in de TarievenCode en de Gasvoorwaarden. De als basis dienende Netwerkcode is door de ACM aangenomen op basis van de voorstellen die voor dit doel zijn ingediend door de Gezamenlijke Netwerkbedrijven, een combinatie van de plaatselijke distributiebedrijven met de beheerder van het landelijke transportsysteem (GTS). Aanvullend op de Netwerkcode heeft GTS ook een aantal specifieke bepalingen en voorwaarden voor de toegang tot het net opgesteld, en wel in de Voorwaarden voor Transportdiensten (“Transmission Service Conditions”, TSC).

Tevens biedt GTS een aantal diensten aan die niet tot de taken behoren die haar wettelijk zijn opgedragen. Ook deze diensten en de bijbehorende voorwaarden zijn in de TSC beschreven. De TSC is een document dat de status heeft van contractueel vastgelegde algemene bepalingen en deel uitmaakt van het bilaterale contract dat GTS met haar klanten heeft afgesloten. Daarnaast zijn in bilaterale contracten ook de voorwaarden met betrekking tot de systeemaansluiting tussen het landelijke gastransportnet en de uiteindelijke verbruiker van het gas, distributiebedrijven of beheerders van aangrenzende netten vastgelegd. Het gaat hierbij in het geval van een eindverbruiker met een plaatselijk distributiebedrijf om een zgn. Aansluitovereenkomst, terwijl een contract met een beheerder van een aangrenzend net een Netaansluitingscontract wordt genoemd.